Agenda en uitgaanstips

 

 

 


Lees verder...

Vinden - Trouver




 

 

 

Infinitief L'infinitif
te vinden trouver
   
Tegenwoordige tijd Le présent
ik vind je trouve
jij vindt tu trouves
hij / zij / het vindt il / elle trouve
wij vinden nous trouvons
jullie vinden vous trouvez
zij vinden ils / elles trouvent
   
Verleden tijd Le passé
Onvoltooid verleden tijd Le passé simple
ik vond je trouvais
jij vond tu trouvais
hij / zij / het vond il / elle trouvait
wij vonden nous trouvions
jullie vonden vous trouviez
zij vonden ils / elles trouvaient
   
Voltooid tegenwoordige tijd Le passé composé
ik heb gevonden j'ai trouvé

 

 

 








Citaat van de dag

"Iedere taal geeft een unieke kijk op het leven.
Chaque langue voit le monde d'une manière différente. "
- Federico Fellini -
(1920-1993)

Advertenties

Uw link op deze pagina?

Cursussen Frans
Volledige zelfstudie

 

Cursussen Frans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Frans voor beginners
- Levend Frans voor gevorderden
- Zakelijke correspondentie Frans