Agenda en uitgaanstips

 

 

 


Lees verder...

Springen - Sauter




 

 

 

Infinitief L'infinitif
te springen sauter
   
Tegenwoordige tijd Le présent
ik spring je saute
jij springt tu sautes
hij / zij / het springt il / elle saute
wij springen nous sautons
jullie springen vous sautez
zij springen ils / elles sautent
   
Verleden tijd Le passé
Onvoltooid verleden tijd Le passé simple
ik sprong je sautais
jij sprong tu sautais
hij / zij / het sprong il / elle sautait
wij sprongen nous sautions
jullie sprongen vous sautiez
zij sprongen ils / elles sautaient
   
Voltooid tegenwoordige tijd Le passé composé
ik ben gesprongen j'ai sauté

 

 

 








Citaat van de dag

"Geld stinkt niet.
l'argent n'a pas d'odeur "
- Keizer Vespasianus
(9-79 AD)

Advertenties

Uw link op deze pagina?

Cursussen Frans
Volledige zelfstudie

 

Cursussen Frans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Frans voor beginners
- Levend Frans voor gevorderden
- Zakelijke correspondentie Frans