Agenda en uitgaanstips

 

 

 


Lees verder...

Moeten - Devoir




 

 

Infinitief L'infinitif
te moeten devoir
   
Tegenwoordige tijd Le présent
ik moet je dois
jij moet tu dois
hij / zij / het moet il / elle doit
wij moeten nous devons
jullie moeten vous devez
zij moeten ils / elles doivent
   
Verleden tijd Le passé
Onvoltooid verleden tijd Le passé simple
ik moest je devais
jij moest tu devais
hij / zij / het moest il / elle devait
wij moesten nous devions
jullie moesten vous deviez
zij moesten ils / elles devaient
   
Voltooid tegenwoordige tijd Le passé composé
ik heb gemoeten j'ai dû

 

 

 








Citaat van de dag

"Geld stinkt niet.
l'argent n'a pas d'odeur "
- Keizer Vespasianus
(9-79 AD)

Advertenties

Uw link op deze pagina?

Cursussen Frans
Volledige zelfstudie

 

Cursussen Frans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Frans voor beginners
- Levend Frans voor gevorderden
- Zakelijke correspondentie Frans