Agenda en uitgaanstips

 

 

 


Lees verder...

Luisteren - Écouter




 

 

 

Infinitief L'infinitif
te luisteren écouter
   
Tegenwoordige tijd Le présent
ik luister j'écoute
jij luistert tu écoutes
hij / zij / het luistert il / elle écoute
wij luisteren nous écoutons
jullie luisteren vous écoutez
zij luisteren ils / elles écoutent
   
Verleden tijd Le passé
Onvoltooid verleden tijd Le passé simple
ik luisterde je écoutais
jij luisterde tu écoutais
hij / zij / het luisterde il / elle écoutait
wij luisterden nous écoutions
jullie luisterden vous écoutiez
zij luisterden ils / elles écoutaient
   
Voltooid tegenwoordige tijd Le passé composé
ik heb geluisterd j'ai écouté
 

 

 

 








Citaat van de dag

"Twee dingen zijn oneindig: het heelal en de menselijke stupiditeit, maar van dat eerste weet ik het niet zeker.
Deux choses sont infinies: l'univers et la stupidité humaine; et je ne suis pas sûr à propos de l'univers. "
- Albert Einstein -
(1879-1955)

Advertenties

Uw link op deze pagina?

Cursussen Frans
Volledige zelfstudie

 

Cursussen Frans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Frans voor beginners
- Levend Frans voor gevorderden
- Zakelijke correspondentie Frans