Agenda en uitgaanstips

 

 

 


Lees verder...

Lachen - Rire




 

 

 

Infinitief L'infinitif
te lachen rire
   
Tegenwoordige tijd Le présent
ik lach je ris
jij lacht tu ris
hij / zij / het lacht il / elle rit
wij lachen nous rions
jullie lachen vous riez
zij lachen ils / elles rient
   
Verleden tijd Le passé
Onvoltooid verleden tijd Le passé simple
ik lachte je riais
jij lachte tu riais
hij / zij / het lachte il / elle riait
wij lachten nous riions
jullie lachten vous riiez
zij lachten ils / elles riaient
   
Voltooid tegenwoordige tijd Le passé composé
ik heb gelachen j'ai ri

 

 

 








Citaat van de dag

"Geld stinkt niet.
l'argent n'a pas d'odeur "
- Keizer Vespasianus
(9-79 AD)

Advertenties

Uw link op deze pagina?

Cursussen Frans
Volledige zelfstudie

 

Cursussen Frans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Frans voor beginners
- Levend Frans voor gevorderden
- Zakelijke correspondentie Frans