Agenda en uitgaanstips

 

 

 


Lees verder...

Eten - Manger




 

 

 

Infinitief L'infinitif
te eten manger
   
Tegenwoordige tijd Le présent
ik eet je mange
jij eet tu manges
hij / zij / het eet il / elle mange
wij eten nous mangeons
jullie eten vous mangez
zij eten ils / elles mangent
   
Verleden tijd Le passé
Onvoltooid verleden tijd Le passé simple
ik at je amangeais
jij at tu mangeais
hij / zij / het at il / elle mangeait
wij aten nous mangions
jullie aten vous mangiez
zij aten ils / elles mangeaient
   
Voltooid tegenwoordige tijd Le passé composé
ik heb gegeten j'ai mangé

 

 

 








Citaat van de dag

"Van dat, waarvan men niet kan spreken, moet men zwijgen.
Sur ce dont on ne peut parler, il faut garder le silence. "
- Ludwig Wittgenstein -
(1889-1951)

Advertenties

Uw link op deze pagina?

Cursussen Frans
Volledige zelfstudie

 

Cursussen Frans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Frans voor beginners
- Levend Frans voor gevorderden
- Zakelijke correspondentie Frans